Joycehidding.jouwweb.nl
Home » Bewijs Taalontwikkeling stimuleren

Bewijs Taalontwikkeling stimuleren

De onderstaande informatie over hoe je taalontwikkeling kunt stimuleren bij jonge kinderen komt van de website: http://kindentaal.logopedie.nl/meertaligheid/stimuleren

 

Spel en de ontwikkeling van taal

Spel is belangrijk voor de ontwikkeling van de taal. In spel worden allerlei vaardigheden geoefend die van belang zijn om taal te kunnen gebruiken als communicatiemiddel. Aanvankelijk zijn non-verbale activiteiten hierbij van belang; zoals het om de beurt iets doen, een geluidje maken bijvoorbeeld of een keer blazen met bellenblaas.
Later speelt een kind het volwassen leven als het ware na. Door interactie met de volwassene of een ander kind en door het voorbeeld van de volwassenen om hem heen leert hij:

  • te verwoorden wat hij doet ("Ik maak een heerlijke pizza voor jou. Met kaas en salami!")
  • plannetjes te maken ("Eerst moet ik de bodem maken. Wat heb ik daarvoor nodig?")
  • problemen te verwoorden ("Oh jee, nu is het blaadje kapot gegaan. Toch wil ik er een mooie vlieger van maken. Mama, mag ik een plakbandje?")
  • afspraken te maken ("Dan doen we wie het eerst bij de deur is. Maar je mag niet op je sokken glijden, hoor!")

 

Gezelschapsspelletjes, zoals memory, lotto en domino kunnen ook zeer geschikt zijn om taal te leren, vooral voor het leren van (nieuwe) woorden. Door te benoemen of te omschrijven en te (laten) raden wat er op het plaatje staat breidt een kind zijn/haar woordenschat uit.

 

Hoe stimuleer je het kind om met anderen te praten?

Een kind kan zich goed ontwikkelen met de spraak en taal, maar toch weinig spreken met andere kinderen. Hij gaat misschien naar de peuterspeelzaal, een uitstekende omgeving om contact te leggen met andere kinderen. Het kan zijn dat uw kind zich nog niet zeker genoeg voelt om vrij te communiceren met leeftijdsgenoten. Wanneer u als ouder dit (te) direct probeert te stimuleren, dan kan dit averechts werken. Een beter alternatief is als u probeert om een meer veilige situatie te creëren voor uw kind bijvoorbeeld door een vriendje/vriendinnetje uit te nodigen bij u thuis te komen spelen.
De spelsituatie kan invloed hebben: 'winkeltje spelen' lokt wederzijds taalgebruik uit. Soms is het dan wel nodig dat u zelf eerst meespeelt. Of een ander 'net-alsof spel'. Samen varen in een boot (een grote doos) en gaan slapen/eten. Misschien heeft de leeftijd van het kind dat u uitnodigde om mee te spelen nog invloed. Een jonger kind dan uw zoon of dochter kan uitlokken (prikkelen) tot meer communiceren. U kunt uw kind vragen om de 'gast' te laten zien waar zich iets in huis bevindt door ernaar te wijzen.

 

Voorbeelden om de taalontwikkeling te stimuleren

Praat veel en in een rustig tempo. Spreek de letters duidelijk uit (dit heet articuleren). Spreek met uw jonge kind met pauzes over de situatie van dit moment (het hier-en-nu). Maak korte zinnen, herhaal deze en maak ze langer..

Samen spelen, samen lezen, samen dingen ondernemen/ontdekken/ ervaren/voelen/ruiken en proeven. Laat het kind het beleven en doorleven. Doe dingen die u zelf leuk vindt om te doen, uw enthousiasme maakt het kind enthousiast en daarmee leert het makkelijker. Zoek het vooral in simpele alledaagse dingen die u met uw kind samen doet: boodschappen, klusjes in huis, de afwas, spelen.

Denk aan de auditieve (=luister) kant: zaken die met waarnemen en luisteren te maken hebben. Wijs je kind op alledaagse geluiden, 'muziek' maken (ook lawaai met doosjes, potten en pannen!), zingen, versjes.

Geef aandacht aan de visuele kant door te kijken en vergelijken. Klinkt lastig misschien, dus hou het simpel: insteekpuzzeltjes maken of met blokken bouwen. Als het kind al wat woordjes kent, kun je voorwerpen zoeken thuis of in de supermarkt. Samen dezelfde memoryplaatjes bij elkaar zoeken, sorteren bij het opruimen van speelgoed of bijvoorbeeld de sokken (van jou... van mij...).

Een belangrijke vaardigheid die het kind moet ontwikkelen, is die van imitatie. Als het goed gaat, zal uw kind dat wat u zegt steeds meer gaan nazeggen. U hoort hem/haar dan steeds als een soort echo van uzelf. Dit is héél belangrijk. Zijn/haar imitatie hoeft zeker niet foutloos te zijn! Aanmoediging, beloning, enthousiasme, rust, samen doen, ontdekken, uitdagen, ondernemen, beleven, volgen... het zijn allemaal woorden die passen bij de taalstimulering van een kind. En: volg uw intuïtie. Gaat het niet zoals u hoopt of verwacht, of blijft u met vragen of onzekerheden zitten, wacht dan niet te lang. Want uw kind zit volop in de meest taalgevoelige periode van zijn leven en die moet goed worden benut. Praat erover met uw huisarts of de arts van het consultatiebureau. Die kan u doorverwijzen naar een logopedist. Zij kan u verder helpen met adviezen, tips en voorbeelden op maat voor u en uw kind. Als ouders zorgen of twijfels hebben, dan is dat vaak niet ten onrechte!

 

Tips en adviezen

 

Jonge kinderen
Motiveer en maak kinderen enthousiast voor de talen. Help waar nodig, maar volg ze ook zoveel mogelijk in hun interesse voor de taal (moedertaal en het Nederlands). Als de interesse er is, gaat het leren een stuk makkelijker. Het leren van een nieuwe taal zal pas het snelst gaan als kinderen die taal in het echt gebruiken.

Breng het kind in contact met leeftijdsgenootjes, kinderen in de buurt/familie/kennissen. Schrijf het kind al jong in voor de peuterspeelzaal; er zijn vaak lange wachtlijsten.

Leen kinderboeken in het Nederlands en in de moedertaal uit de bibliotheek. Er zijn in de Nederlandse bibliotheken ook kinderboeken in andere talen. Is uw taal niet beschikbaar? U kunt bijvoorbeeld een boek lenen met alleen afbeeldingen waar u zelf, in uw eigen taal, een verhaal bij verzint. U kunt samen praten over de plaatjes. Ook boeken met grote afbeeldingen en weinig tekst zijn hier geschikt voor.

Denk voor speelgoed eens aan een spelotheek. Hier kunt u speelgoed lenen, zodat u zelf minder hoeft aan te schaffen en veel kan variëren. Ontdek zo wat het kind leuk vindt!

Kijk samen naar zowel Nederlandse kinderprogramma's als programma's in de moedertaal. Dat hoeven heus niet alleen programma's voor hele kleine kinderen te zijn. Als u samen kijkt, steken ze er zeker wat van op. Als de interesse er is! Praat over wat er in het programma gebeurt en bijvoorbeeld over nieuwe woorden.

Laat het kind (onder toezicht) lekker zelf 'aanmodderen'. Zelf proberen en succes ervaren is het beste en het leerzaamste. Verwoord wat het kind doet, maak er waar nodig gebaren bij en/of wijs aan. Volg het kind in wat hij doet.

Maak ook de moedertaal aantrekkelijk door (kinder)boekjes, kinderliedjes en tekenfilms aan te bieden die de taalontwikkeling bevorderen. Laat het kind weten dat het 'knap' is om twee talen te spreken.

 

Oudere kinderen
Doe met wat oudere kinderen (vanaf 5) woordspelletjes zoals u dat vast ook wel in de thuistaal met uw kinderen deed in de auto. Woorden bedenken bij kentekenplaten, woorden bedenken met een bepaalde beginletter, rijmen, woorden bedenken binnen een bepaalde categorie (bijvoorbeeld: noem zo veel mogelijk dieren in het Nederlands), een nieuw woord bedenken met de eindletter van het vorige woord.

Plak op alledaagse dingen papiertjes met het woord erop. Niet teveel tegelijk. Hang dus niet in één keer het hele huis vol. Wissel ook van plaats, bijvoorbeeld een week lang 'spiegel' op de spiegel in de gang en daarna op de badkamerspiegel, omdat na een paar dagen het woordkaartje niet meer opvalt. Verander de kaartjes ook eens van kleur. Dat trekt opnieuw de aandacht.

Vergeet naast de zelfstandige naamwoorden de functiewoorden in de taal niet. Als u woordkaartjes op voorwerpen in huis plakt, oefenen ze vooral de zelfstandige naamwoorden in het Nederlands. Besteed al pratend aandacht aan werkwoorden, kleuren, voorzetsels, bijvoeglijke naamwoorden zoals dik/dun, leuk/vervelend, makkelijk/moeilijk, blij/boos. Er zijn verschillende woordsoorten nodig om een zin te kunnen maken.

Om de thuistaal te stimuleren kunt u uw kind inschrijven voor een cursus. Hier leert hij om in zijn of haar thuistaal te lezen en schrijven, en doet algemene kennis op over de eigen cultuur en het land van de ouders. Er zijn particuliere instanties die bijvoorbeeld Turkse lessen verzorgen.