Joycehidding.jouwweb.nl
Home » 2. Attituden

2. Attituden

Niveau 1

De student heeft een positief kindbeeld, is nieuwsgierig naar hun ideeën en ziet het kind in al zijn facetten.
Hij stimuleert sociale interactie tussen kinderen.
De student toont betrokkenheid bij verschillende normen
en waarden in onze pluriforme samenleving.   


Kinderen zijn van nature positief ingesteld en ik ben nieuwsgierig naar hun ideeën 
  
Ieder kind is nieuwgierig en wil leren, dit gebeurt vanuit de positieve natuurlijke houding van het kind. Mijn mening over hoe kinderen leren en in de wereld staan heb ik beschreven bij de eerdere competentiebeschrijving van 01-11-2011.

 

Ik stimuleer sociale interactie tussen kinderen
Een goede relatie tussen de leerkracht en leerling bevordert het leren, maar ook een goede relatie tussen kinderen onderling is voor mij een voorwaarde om een goede werksfeer te kunnen creeëren in de klas. Sociale interactie stimuleer ik door kinderen opdarchten te geven die ze samen moeten doen. Zo heb ik in groep 5 een les gegeven over gedichten waarbij ze in groepjes een gedicht moesten maken. Weer in andere groepjes heb ik hen ook proefjes laten doen over ruiken. De opdrachten konden alleen samen uitgevoerd worden. Ze moesten bijvoorbeeld elkaars neus natekenen en elkaar blinddoeken en elkaar helpen met het proeven en ruiken. In het werkboekje 'ruiken' wat ik gemaakt heb kun je alle opdrachten die ze gedaan hebben vinden.
In de kleuterklas heb ik sociale interactie stimuleert door bij het kiezen bijvoorbeeld koppeltjes te maken.
Andere manieren die ik gebruik om sociale interactie te stimuleren heb ik aangetoond bij competentie 1. interpersoonlijk competent - Attituden, waar ik bij het stimuleren van onderlinge samenwerken een stuk uit mijn essay als bewijsstuk heb aangevoerd.

  

Ik toon betrokkenheid bij verschillende normen en waarden in onze pluriforme samenleving 
De verschillende normen en waarden die kinderen van huis uit hebben meegekregen respecteer ik. Persoonlijk ben ik trots op onze pluriforme samenleving en toon ik interesse voor andere culturen. Bewust heb ik er bijvoorbeeld voor gekozen om op scholen stage te lopen die wat betreft publiek (en cultuur) verschillen. Dit heb ik beschreven in de eerdere competentiebeschrijving van 01-11-2011.
Mij spreekt intercultureel onderwijs erg aan, omdat ik vind dat leren samen te leven het belangrijkst is. Wat mijn visie is betreft dit onderwerp schrijf ik in een verslag over intercultureel onderwijs

 

Niveau 2

De student waardeert verschillen tussen kinderen als positief uitgangspunt voor hun individuele en gezamenlijke ontwikkeling en waardeert de inbreng van kinderen. De student toont zich bewust van zijn voorbeeldfunctie als cultuurdrager en als cultuuroverdrager met betrekking tot waarden en normen.

 

Ik waardeer verschillen tussen kinderen als positief uitganspunt voor hun ontwikkeling en waardeer hun inbreng
Als docent zie ik veel verschillen tussen kinderen. Ieder kind heeft zijn eigen kwalititeiten en ik probeer alle verschillende kwalititeiten te gebruiken in de lessen. Zo kunnen we namelijk van elkaar leren en samen als groep en als individu ontwikkelen. Een voorbeeld van hoe ik dat in de stage heb gedaan beschrijf ik op de pagina bewijs verschillen leerlingen waarderen. Ik geef daar ook een voorbeeld van hoe ik inspeel op de inbreng van kinderen. Ook heb ik een verslagje gemaakt over een situatie op het ROC waarbij ik de inbreng van de leerling waardeerde. Dit heb ik als bewijsstuk voor competentie 4 gebruikt en is te vinden op de pagina bewijs ROC verslag initiatief leerlingen.

 

Ik ben mij bewust van mijn voorbeeldfunctie als cultuuroverdrager
De Nederlandse cultuur is voor mij zeer divers. Ik ben opgegroeid in Amsterdam Zuidoost werk gedeeltelijk op een zwarte school en ben nieuwsgierig naar andere culturen. Door de verschillende achtergronden in Amsterdam verandert de cultuur en dit moeten als positief ervaren is mijn mening. Ik ben mij bewust van mijn voorbeeldfunctie en stimuleer dan ook om naar elkaars verschillen te kijken en dit te leren respecteren. Sta open voor elkaar en heb respect voor elkaar verschillen. Alleen dan kunnen we samenleven en samen ontwikkelen. Als je blijft vasthouden aan je eigen cultuur en niet mee groeit en met de ontwikkeling in de samenleving worden de verschillen groter en verdwijnt de tolerantie naar elkaar en respect voor elkaars verschillen. Omdat ik dit belangrijk vind heb ik een stuk geschreven over intercultureel onderwijs, dat is te lezen op de pagina bewijs intercultureel onderwijs.
Aan de andere kant zal ik wel op school de Nederlandse normen en waarden nastreven en dit als docent uitstralen. Zo zal ik bijvoorbeeld jongens en meisjes gelijk behandelen, wat de achtergrond ook is. Ik verwacht dat ook van mijn leerlingen.

 

 

Niveau 3

De student waardeert de inbreng van de kinderen, is nieuwsgierig naar hun ideeën en complimenteert hen regelmatig. Hij stimuleert samenwerking en sociale interactie tussen alle kinderen in de klas. De student stimuleert en inspireert de kinderen om kritisch na te denken over hun opvattingen en gedrag en om daarover in de groep te communiceren. Hij is zich bewust van zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid en weet deze ook bij kinderen te stimuleren.

 

Ik waardeer de inbreng van kinderen, ben nieuwsgierig naar hun ideeën en complimenteer hen regelmatig
Ik ben een docent die het erg belangrijk vind in om de relatie met de leerlingen te investeren. Ik vraag hen regelmatig naar hun naar hun ideeën over dingen en wat ze bijvoorbeeld buiten schooltijd doen. Behalve dat ik de goede band die ik met hen opbouw kan ik ook hun interesses en ideeën in mijn les verwerken.
Complimenten geven doe ik ook regelmatig in de klas. Ik merkte echter in de stage bij de kleuters dat ik er toe te veel mee bezig was en de complimenten niet 'echt' waren. Bij de kleuters gaf ik vooral complimenten om goed gedrag te belonen. Ik merk dat wanneer ik iets echt goed gedoen vind van een kind mijn compliment ook beter aankomt. Ik ben van mening dat je complimenten waardevol zijn als je het echt meent en dat je niet bij al het goede gedrag een compliment hoeft te geven. Mijn mening sluit aan bij een artikel over dit onderwerp uit J/M voor ouders. Het artikel is te lezen op de pagina bewijs complimenten geven.  

 

Ik stimuleer samenwerking en sociale interactie tussen alle kinderen in de klas
Samenwerken is voor mij erg belangrijk in het onderwijs. In mijn visie beschrijf ik waarom ik dat zo belangrijk vind. Bij de competentiebeschrijving van competentie 1 attituden niveau 3 heb ik met verschillende voorbeelden aangegeven hoe de samenwerking en interactie tussen leerlingen bevorder. Door de verschillende bewijsstukken over samenwerken en (culturele) verschillen in mijn portfolio komt duidelijk naar voren dat ik samenwerking en sociale interactie tussen alle kinderen in de klas stimuleer.

 

Ik stimuleer en inspireer kinderen om kritisch na te denken over hun opvattingen en gedrag en om daarover in de groep te communiceren
Om een optimale interactie en samenwerking in de klas te hebben stimuleer ik kinderen om kritisch na te denken over hun gdrag en opvattingen. Ik ben een open docent en bespreek veel situaties in de groep. We reflecteren dan samen op een situatie en bedenken wat een goede manier zou kunnen zijn om te reageren. Door mijn open houding en mijzelf te zijn als docent inspireer ik leerlingen om ook open over hun gedrag te praten. Door over gedrag te praten, positief en negatief maak ik leerlingen bewust van hun gedrag en stimuleer ik hen om erover na te denken. Ik stel daarin directe vragen en wanneer leerlingen zeggen dat ze iets juist niet leuk of moeilijk vinden benoem ik ook dat het goed is dat ze dit aangeven. Verschillende situaties waarin ik gedrag bespreek in de groep heb ik beschreven om aan te tonen hoe ik dit toepas in de klas.  

 

Ik ben mij bewust van mijn maatschappelijke verantwoordelijkheid en weet deze ook bij kinderen te stimuleren
Het doel van onderwijs is om kinderen klaar te maken om goed te kunnen functioneren in onze samenleving. Als docent stel ik mij op als een voorbeeld van een goede burger in maatschappij. In het mbo volgen de leerlingen een programma gericht op dat burgerschap, welke eisen hierbij horen is te lezen op de pagina bewijs Loopbaan en Burgerschap. Als gymdocent werk ik uiteraard aan de dimensie vitaal burgerschap (dit vak geef ik op het ROC) en daarnaast werk ik ook altijd vanuit mijn visie aan de sociaal-maatschappelijke dimensie. Naar mijn mening zijn de vaardigheden die daarbij horen ook van belang bij de andere bugerschapscompetenties. Hoe ik aan deze burgerschapscompetenties werk met de leerlingen beschrijf ik op de pagina bewijs maatschappelijke verantwoordelijkheid